Landelijk Overleg Coffeeshopbonden ...

Het Landelijk Overleg Coffeeshopbonden (LOC) is een overlegtafel waar inmiddels 9 coffeeshopbonden bij aan zijn gesloten. Doel van het LOC is het delen van ervaringen, zowel op lokaal als landelijk niveau, en opbouw van feitelijke dossierkennis.

Geen Wietpas - No Weed Pass

In een aantal buitenlandse media wordt regelmatig melding gemaakt van een reeds ingevoerde wietpas voor toeristen. De media doet vermoeden dat de pas in Nederland al een feit is en dat toeristen die een coffeeshopbezoek aan ons land gepland hebben zich goed moeten realiseren dat zij aan de deur geweigerd zullen worden. Dit heeft inmiddels tot een aantal annuleringen op hotelboekingen geleid waar zorgelijk naar wordt gekeken. Het secretariaat heeft haar leden opgeroepen zoveel mogelijk melding te maken dat de wietpas er (nog) niet is en wellicht ook nooit zal komen. Dit verontruste bericht is inmiddels ook gemeld aan de Amsterdam Tourist Board. 

In a number of foreign newspapers there have been reports that measures are in hand to introduce a ban on coffeeshops serving tourists. This has been reported as a measure that is fairly certain to be implemented. A number of hotels in Amsterdam have already reported cancellations due to these reports, which is a matter of considerable concern. It seems clear that if this measure goes forward -- which seems unlikely -- it will have a severe effect on the tourist industry in Amsterdam and elsewhere in the Netherlands. The Secretariat has not only called upon its members to oppose this proposal which constitutes a death blow to the City of Amsterdam but has also inf0rmed the Amsterdam Tourist Board of its views.

june 1, 2011

 

Stuur door Print bericht

Einde oefening invoering wietpas

Is er met de recente uitspraak van de Raad van State (RvS) een streep gehaald door de plannen van de regering om een wietpas, verafschuwd door coffeeshophouders, in te voeren? De RvS tikt de Maastrichtse burgemeester op de vingers omdat deze in 2006 coffeeshop Easy Going drie maanden had gesloten wegens verkoop van softdrugs aan buitenlanders.

Verkoop was in strijd met de Algemene Plaatselijke Verordening (APV), waarin dat verboden was. Voordat de Raad deze uitspraak deed, had deze advies gevraagd aan het Europese Hof van Justitie. De RvS wilde weten of het verbod in de APV én de tijdelijke sluiting redelijk waren om het drugstoerisme terug te dringen. Het Hof stelde dat het verhandelen van hennep in alle lidstaten verboden is, behalve vanwege medische en wetenschappelijke doelen. Daarom zou een coffeeshop zo'n verbod ook niet kunnen voorkomen. Zo'n verbod beperkt volgens het Hof immers het drugstoerisme aanzienlijk. Bovendien stond volgens het Hof vast dat minder ingrijpende maatregelen, zoals een beperking van het aantal coffeeshops, beperking van de openingstijden, invoering van een pasjessysteem of beperking van de hoeveelheid cannabis die iemand mag kopen, onvoldoende of ineffectief waren.

Je zou zeggen dat dit advies voor de RvS een inkoppertje was en dus einde oefening voor de coffeeshophouder.
Máár: het blijkt toch anders te liggen. Hoewel de RvS op grond van het advies van het Hof vindt dat een coffeeshophouder zich niet kan beroepen op de vrij verkeersbepalingen van het Europese recht - en de door de burgemeester in de APV toegepaste uitsluiting van verkoop aan buitenlanders niet in strijd is met dat recht - had de burgemeester het toch niet zo mogen regelen.

De RvS stapt hierbij gemakkelijk over het antidiscriminatieverbod van artikel 1 van de Grondwet heen en meent dat het doel de middelen heiligt. Immers: je mag weliswaar mensen discrimineren vanwege buitenlandse afkomst, maar de bestrijding van drugstoerisme rechtvaardigt volgens de RvS het uitvaardigen van lagere regelingen in strijd met de Grondwet. Daartegenover vindt de RvS dat de verkoop van wiet op grond van de Opiumwet verboden is en dat dit een absoluut verbod is, neergelegd in een formele wet. Daarom is er volgens de Raad géén enkele ruimte om de verkoop van softdrugs in coffeeshops via een APV te reguleren. Daarmee lijkt dus ook het in die APV opgenomen uitsluiting van verkoop aan buitenlanders en de plannen voor de daarop gebaseerde wietpas van de baan, ongetwijfeld tot vreugde niet alleen van de coffeeshophouders maar ook van de gemeenteraden van onder meer Den Bosch en Tilburg die tegen invoering van de wietpas zijn.

Het lijkt erop dat de Raad van State de deur voor een wietpas toch nog wil openhouden. De Raad zegt namelijk dat het verbod tot regulering van wietverkoop via een APV geen beletsel is voor de burgemeester om de Opiumwet via artikel 13b te handhaven. Die bepaling geeft de burgemeester de bevoegdheid om bestuursdwang toe te passen als een coffeeshop toch wiet verkoopt. Deze bepaling is ooit in het leven geroepen is om die gemeenten, waarin uitdrukkelijk voor een nul- optie (nul coffeeshops) is gekozen, het bestuur in staat te stellen om, ook zonder dat sprake is van overlast, coffeeshops te sluiten. De RvS maakt zich hier echter schuldig aan het intrappen van een open deur, want dat wisten de burgemeesters ongetwijfeld al geruime tijd. Op grond van die regeling kan echter niet, zoals de Raad lijkt te suggereren, via een achterdeur toch weer een op het ingezetenencriterium gebaseerde wietpas worden geïntroduceerd.
Daarvoor zal eerst een formele wet moeten worden gemaakt, wat niet snel zal gebeuren, omdat daarmee het absolute verbod op de verkoop van softdrugs zou worden opgeheven.

Bovendien zou zo'n wet niet in strijd mogen komen met internationale verdragen tegen iedere vorm van discriminatie en ook dat wordt een hels karwei.
De wietpas is daarom wat mij betreft exit. Mr. Rob Milo is advocaat te Tilburg.

Bron: Brabants Dagblad 6 juli 2011

Terug naar het nieuwsoverzicht