Landelijk Overleg Coffeeshopbonden ...

Het Landelijk Overleg Coffeeshopbonden (LOC) is een overlegtafel waar inmiddels 9 coffeeshopbonden bij aan zijn gesloten. Doel van het LOC is het delen van ervaringen, zowel op lokaal als landelijk niveau, en opbouw van feitelijke dossierkennis.

Geen Wietpas - No Weed Pass

In een aantal buitenlandse media wordt regelmatig melding gemaakt van een reeds ingevoerde wietpas voor toeristen. De media doet vermoeden dat de pas in Nederland al een feit is en dat toeristen die een coffeeshopbezoek aan ons land gepland hebben zich goed moeten realiseren dat zij aan de deur geweigerd zullen worden. Dit heeft inmiddels tot een aantal annuleringen op hotelboekingen geleid waar zorgelijk naar wordt gekeken. Het secretariaat heeft haar leden opgeroepen zoveel mogelijk melding te maken dat de wietpas er (nog) niet is en wellicht ook nooit zal komen. Dit verontruste bericht is inmiddels ook gemeld aan de Amsterdam Tourist Board. 

In a number of foreign newspapers there have been reports that measures are in hand to introduce a ban on coffeeshops serving tourists. This has been reported as a measure that is fairly certain to be implemented. A number of hotels in Amsterdam have already reported cancellations due to these reports, which is a matter of considerable concern. It seems clear that if this measure goes forward -- which seems unlikely -- it will have a severe effect on the tourist industry in Amsterdam and elsewhere in the Netherlands. The Secretariat has not only called upon its members to oppose this proposal which constitutes a death blow to the City of Amsterdam but has also inf0rmed the Amsterdam Tourist Board of its views.

june 1, 2011

 

Stuur door Print bericht

'Drugsbeleid stuit op onoverkomelijke problemen'

Door Prof.dr. Jan Brouwer - 6 juni 2011

De lang verwachte brief met hierin de kabinetsplannen voor coffeeshops is 27 mei naar de Tweede Kamer gestuurd. Als het aan de regering ligt, worden coffeeshops besloten clubs voor de lokale markt: alleen leden hebben toegang. Het maximum aantal leden wordt landelijk bepaald. De burgemeester zal in verband met de lokale vraag hierop het aantal coffeeshops moeten afstemmen. Alleen meerderjarige ingezetenen van Nederland krijgen toegang tot een coffeeshop op vertoon van een geldig identiteitsbewijs en een bewijs dat de aanvrager ingezetene van Nederland is. Het lidmaatschap kan niet voor korter dan één jaar worden aangegaan. Volgens Jan Brouwer, hoogleraar Algemene Rechtswetenschap van de Rijksuniversiteit Groningen, roept het nieuw voorgestelde beleid echter op z'n minst drie problemen op.

Ingezetenencriterium

Die problemen betreffen in de eerste plaats het toepassen van het zogenoemde ingezetenencriterium. Aan niet-ingezetenen van Nederland moet een coffeeshophouder het lidmaatschap ontzeggen. Volgens art. 1 Grondwet worden echter allen die zich in Nederland bevinden, gelijk behandeld. Op dat beginsel kan men slechts inbreuk maken als daarvoor een objectieve en redelijke rechtvaardigheidsgrond bestaat. De nu aangedragen reden - verstoring van de openbare orde - kan niet die grond zijn. Het veronderstelt dat alleen buitenlanders de orde verstoren rondom coffeeshops. Dat is echter nooit aangetoond. Als het al gebeurt, doen Nederlanders het net zo hard.

De Almelose rechtbank heeft om deze reden het coffeeshopbeleid van de gemeente Hengelo in 1996 al eens afgekeurd. De verwachting is dat de Raad van State begin juli in een conflict tussen de burgemeester van Maastricht en een coffeeshophouder hetzelfde zal oordelen over het verplicht ontzeggen van de toegang tot coffeeshops aan niet-ingezetenen.

Nieuwe gedoogvoorwaarde

Tot nu toe wordt een coffeeshophouder gedoogd als hij geen reclame maakt, geen hard drugs verhandelt, geen overlast veroorzaakt, niet verkoopt aan jeugdigen, slechts een kleine hoeveelheid per transactie verkoopt en geen grote voorraad aanhoudt. Daar komt nu een nieuwe gedoogvoorwaarde bij: de coffeeshophouder dient een vereniging op te richten waarvan zijn klanten lid zijn. Het is zeer de vraag of dit juridisch toelaatbaar is. Het gaat niet om een gewone vereniging, maar een vereniging die op structurele basis strafbare feiten pleegt. De Rechtbank Almelo heeft in 2001 een dergelijke vereniging verboden en ontbonden op vordering van de officier van justitie wegens strijd met de openbare orde. Die vereniging stelde zich ten doel de belangen van cannabisconsumenten te behartigen. Zij spande zich in voor het verkrijgen en verstrekken van schone cannabisproducten.

Het is op z'n zachtst gezegd krom dat de regering de voorwaarde wil gaan stellen van het oprichten van een verenging die handelt in strijd met de openbare orde. Een zodanige verplichting roept ernstige spanning op met de vrijheid van vereniging, die in art. 8 Grondwet letterlijk wordt begrensd door de openbare orde.

Toezicht

Een derde probleem valt te voorzien in de sfeer van het toezicht op de verplichte ledenadministratie van de coffeeshopexploitant. Een toezichthouder wordt in dit geval niet belast met het toezicht op de naleving van de wet, maar met het toezicht op de niet-naleving van de Opiumwet. Dat valt moeilijk te rijmen met de wettelijke omschrijving van de taak van een toezichthouder.

Heeft de regering voldoende nagedacht over deze plannen? Of moet de lancering van dit beleidsplan geduid worden als een opzichtige poging om de Raad van State straks de schuld te geven van de onmogelijkheid het coffeeshopbeleid te wijzigen?


Curriculum Vitae

Jan Brouwer (Oosterbeek, 1951) studeerde rechten en geschiedenis in Groningen. Hij is hoogleraar Algemene Rechtswetenschap aan de RUG en directeur van het Centrum voor Openbare Orde en Veiligheid. Contact: j.g.brouwer@rug.nl

 

Terug naar het nieuwsoverzicht